• Door naar de hoofd inhoud
Hoevestein 7 4903 SE Oosterhout
0162 464 097       
Hoevestein 7 4903 SE Oosterhout
0162 464 097       
Hoevestein 7 4903 SE Oosterhout
0162 464 097       

Van Geel & van der Plas

Header Rechts

  • Home
  • Over ons
    • Over ons
    • Onze diensten
  • Infowijzer
  • Nieuws
  • Vacatures
  • Documenten
  • Contact

Navordering na geautomatiseerde aanslag terecht

11 juni 2026

Een vrouw woont in 2019 en 2020 in Italië en ontvangt in die jaren een Ziektewet-uitkering van het UWV. De vrouw doet aangifte voor beide jaren, waarin zij de uitkeringen als 'elders belast' op nihil stelt. De inspecteur legt de aanslagen geautomatiseerd op, conform de aangiften. Later maakt de vrouw bezwaar tegen de aanslag 2020, waarin zij stelt dat zij geen inkomen in Nederland ontvangt. De inspecteur kondigt vervolgens navorderingsaanslagen aan voor 2019 en 2020, omdat Nederland volgens hem wel heffingsrecht heeft over de ZW-uitkeringen. 

Grond voor navordering

De inspecteur stelt dat sprake is van een kenbare fout. De aangiften zijn geautomatiseerd afgedaan en niet handmatig beoordeeld. De rechtbank overweegt dat navordering mogelijk is als een aanslag te laag is vastgesteld door een fout van de vrouw, tenzij de inspecteur de fout welbewust heeft geaccepteerd. Dat laatste is niet het geval. De aanslagen zijn te laag vastgesteld door de geautomatiseerde aanslagregeling, niet door een onjuist inzicht van de inspecteur. Omdat het verschil tussen de aanslagen en de verschuldigde belasting meer dan 30% bedraagt, wordt aangenomen dat de fouten voor de vrouw redelijkerwijs kenbaar waren. De rechtbank oordeelt dat er een geldige navorderingsgrond is.

Verbod op verslechtering

De vrouw stelt dat zij door het instellen van bezwaar niet in een slechtere positie mag komen (het verbod van 'reformatio in peius'). De navorderingsaanslagen zijn immers opgelegd naar aanleiding van haar bezwaar. De rechtbank oordeelt dat de inspecteur dit verbod niet heeft geschonden. De wetgever heeft niet bedoeld dat het verbod ook geldt als er een zelfstandige grond voor navordering bestaat. Aangezien de inspecteur bevoegd was om navorderingsaanslagen op te leggen, levert het gebruikmaken van deze bevoegdheid geen strijd op met het verbod.

Bron:Rechtbank Zeeland-West-Brabant | jurisprudentie | ECLI:NL:RBZWB:2026:4358 | 18-05-2026

Geplaatst in: Inkomstenbelasting

« Voorraad herwaarderen via kapitaalrekening leidt tot winstcorrectie
Rechtbank adviseert klacht tegen UWV wegens te lage loonheffing »

Van Geel &
van der Plas

 

Wij hebben +30 jaar ervaring en helpen jou met je administratieve en fiscale uitdagingen

Snel naar:

  • Diensten
  • Nieuws
  • Contact
  • Vacatures

Contactgegevens

Hoevestein 7
4903 SE Oosterhout

 

0162 464 097

 

kantoor@vangeel-vanderplas.nl

© 2026 Van Geel & van der Plas | Realisatie: Probu

Privacyverklaring & AV koppeling

Privacyverklaring  |  AV